|
|
|
||||||
|
Compassie - vrijdag 25 december 2009
Kerstmis Klokken haalden mij uit de slaap vandaan: Kerstmis over Den Haag om middernacht. Hij, die ik dagelijks te wezen dacht, trok uit mij weg en kwam alleen te staan. Ik keek tegen mijn eigen leven aan, alsof een ander het had doorgebracht. Een lege helderheid betrok de wacht tussen mij en het opgeschoven raam. De stad verstomde. Mijn verbeelding ging over de torens heen naar Bethlehem. 2000 jaren her is daar een kind zojuist geboren en de moeder windt het in een doek. De ezel en de man maken het nuchter mee. Een engel zingt. Gerrit Achterberg PREEK Het Kerstevangelie is niet alleen
opgetekend in de bijbel. Pas rond de 3 e eeuw na Christus werd de huidige
versie van de bijbel door de kerk vastgesteld. Voor die tijd waren er allerlei
geschriften die in het leven van de kerk een rol speelden. In China ontstond al
snel een christelijke kerk. Deze bezat waarschijnlijk niet dezelfde bijbel als
die we nu kennen maar een vroege variant ervan. Uit de 7 e -9 e eeuw zijn
inscripties gevonden die laten zien hoe de christelijke boodschap werd
afgestemd op de chinese cultuur. Zo ademen deze Chinese teksten een taoďstische en boeddhistische sfeer.
Het resultaat is een fijnzinnige, geweldloze vorm van christendom. Jezus wordt
‘de Bezoeker naar deze wereld’ genoemd die kan bevrijden van de eeuwige
kringloop van geboorte, lijden, dood en wedergeboorte. Hier volgt het
geboorteverhaal uit het vijfde hoofdstuk van de vierde soetra over Jezus
Christus. De ‘Koele Bries’ is de Geest van God. Daarom
zond God zijn Koele Bries om over een uitverkoren jonge vrouw te komen, met de
naam Mo Yan (Maria), die geen echtgenoot had, en zij werd zwanger. Heel de
wereld was hier getuige van en begreep wat God had gewrocht. De macht van God
is zo groot, dat Hij een belichaamde geest kan scheppen en deze de weg wijzen
naar het heldere, zuivere pad van het mededogen. Mo Yan schonk het leven aan
een zoon en noemde hem Ye Su (Jezus), die de Messias is en de Koele Bries tot
vader heeft. Sommige mensen zeiden dat zij niet konden begrijpen hoe dit
mogelijk was. Zij zeiden dat als de Koele Bries Mo Yan heeft doen ontvangen,
een dergelijk kind op de bodem van de wereld moet zijn geschapen. Als de
keizer een bevel uitvaardigt, moeten alle loyale burgers dit opvolgen. God ziet
vanuit de hemel in mededogen neer en bestiert alles in Hemel en op Aarde. Toen
Ye Su, de Messias, geboren werd, zag heel de wereld een helder mysterie aan de
hemel. Een ieder zag vanuit zijn woning een ster, zo groot als een wagenwiel.
Dit geheimzinnige licht bescheen de plaats waar God kon worden gevonden, want
in die tijd werd de Ene geboren in de stad Wen-li-shih-ken (Jeruzalem) in de
boomgaard van But Lam (Bethlehem). Toen er vijf jaren waren verstreken, begon
de Messias te spreken. Graag wil ik in deze kerstoverdenking
uw aandacht vragen voor een aspect uit deze Chinese invalshoek op kerstmis, de
geboorte van Jezus. In Jezus komen de wereld van God en de wereld van mensen
samen. Over Maria, een vrouw, een mens, laat God zijn Koele Bries gaan en als
gevolg daarvan baart zij een kind dat de belichaming is van de geest van God.
Deze geest wijst Jezus naar het heldere, zuivere pad van het mededogen. Mededogen, een mooi maar ook ouderwets
klinkend woord. In een woordenboek vind je als eerste betekenis ‘medelijden’,
maar dat is een wel heel beperkte benadering. De Nederlandse schrijver Oek de
Jong, liet enkele jaren geleden zijn dagboek uitgeven. Daarin typeerde deze mystiek gerichte schrijver mededogen als ‘zien met het hart’ en
noemde hij het ‘de grote poort tot inzicht’. Hij beschrijft hoe hij de genezende kracht van
het mededogen ervoer na een lange periode van persoonlijke crisis. Mededogen
staat tegenover het gevoel niet verbonden te zijn met anderen en met de dingen,
tegenover de innerlijke verstarring, tegenover de dood van de ziel. Het mededogen
zoekt naar verbinding met mensen en dingen. Een ander woord voor mededogen is compassie.
De ontwikkeling van compassie wordt in vele filosofieën
en in bijna alle godsdiensten
beschouwd als een goede eigenschap, bijvoorbeeld in het boeddhisme,
het Jodendom en het christendom. Het is het mede aanvoelen van andermans leed en verdriet. Vorige maand
werd er in Amsterdam, in de Mozes en Aäronkerk, een Handvest van Compassie
gepresenteerd. Het is een document dat is opgesteld door Karen Armstrong. Zij
is een expert op het terrein van de religie. Al jaren verdiept zij zich in de verschillen
en overeenkomsten tussen de grote religies van onze tijd. Haar boeken worden
gekenmerkt door een vrijzinnige kijk op het verschijnsel godsdienst. Zij wijst
erop dat de kern van alle grote religies, van alle spirituele en ethische
tradities wordt gevormd door wat wij de ‘gulden regel’ zijn gaan noemen:
behandel de ander net zo als jij zelf behandeld wilt worden. Vanuit deze gulden
regel is het handvest voor Compassie opgesteld. Het is bedoeld als een krachtig
tegengeluid tegen de manier waarop religie in onze tijd tegenover elkaar
gesteld worden en als een bron van conflict gezien worden. Het is ook een
tegengeluid tegen het groeiende egocentrisme, waardoor mensen elkaar steeds
minder ruimte bieden om op hun eigen manier te leven. Onder deze gulden regel
van een ander behandelen zoals je ook zelf behandeld wilt worden ligt als
grondslag: mededogen. Wat houdt dat nou in, dat je leeft vanuit een houding van
compassie? Het handvest noemt een aantal duidelijke elementen. Het eerste is:
je onvermoeibaar inzetten voor het verzachten van het leed van onze
medeschepselen. En daartoe behoren ook dieren en de levende natuur. Het
handvest gaat er niet vanuit dat wij in staat zijn door onze inzet de problemen
op te lossen. Nee, wat het van ons vraagt is ‘leed verzachten’. Het
onvermoeibaar verzachten van leed is ook dat wat dit kerstkind zal doen als het
volwassen is. Al degenen die op zijn weg komen en die in hun nood, hun
gebrokenheid, hun onvolmaaktheid, hun ziek zijn een beroep op hem doen, weer
heel maken, genezen, bij zichzelf terug brengen, brengen bij de bron van alles,
God. Het handvest voor compassie vraag vervolgens om bereid te zijn terug te treden
uit het middelpunt van je eigen wereld en een ander voor het voetlicht te
plaatsen. Is uiteindelijk niet iedereen vooral met zichzelf bezig? Is het verlangen
naar compassie in dit opzicht wel realistisch? Kan een mens werkelijk afstand
nemen van zichzelf en het eigenbelang? Het kind, als het is opgegroeid,
zichzelf zal geven, zijn leven zal inzetten, ja zijn leven zal geven voor
anderen. Wie zijn leven voor zijn vrienden over heeft, heeft de grootste
liefde. Het handvest
noemt nog een derde kenmerk van compassie en dat is ‘recht te doen aan de
onschendbare heiligheid van ieder mens en een ieder, zonder enige uitzondering
te behandelen met volstrekte gelijkwaardigheid, billijkheid en respect.’ De
heiligheid van ieder mens. Dat is iets anders dan dat ieder mens een heilige
is. Hier klinkt het woord heilig in zijn oorspronkelijke betekenis. Heilig is in het algemeen iets wat in
een bijzonder goede verhouding tot God staat en daarom onaanraakbaar is of met bijzonder
respect behandeld moet worden. Dat betekent dat ieder mens, ieder dier, als
geschapen door God, uniek is en ons respect waard is en als zodanig behandeld
moet worden. In de
kerstnacht begint het verhaal met de machten van deze wereld, de keizer, die
het respect met machtsmiddelen weet af te dwingen. Maar recht daar tegenover
staat de wereld van God, die Maria en Jozef, de gewone mensen, zonder aanzien
en middelen, onder de bescherming plaats van een schare engelen. Die ezeltjes,
ossen en ezels ene plek geeft dicht bij God en het door God gezonden kind. Die
herders, zonder huis of haard, die slapen onder de blote hemel, als eerste
getuige laten van wat God voor deze wereld betekent. Op de omslag
van de liturgie ziet u een prachtig schilderij van Juke Hudig. Dit hing bij de
presentatie van het Handvest voor Compassie levensgroot in de kerk. Hudig: Mijn
bron van inspiratie is de natuur, maar nog meer de reis van de ziel, die
vergankelijkheid tot eeuwigheid transcendeert.
's Zomers teken ik indrukken van de natuur. 's Winters druk ik mij uit
in visioenen.‘ Een prachtig,
hemelsblauw beeld van de engel met de twee hemelssleutels. Hij doet denken aan
de annunciatie: de aankondiging door de engel Gabriël dat zij een hemels kind
verwacht dat de aarde zal veranderen. Het handvest is een aankondiging dat wij
op een andere manier met elkaar kunnen omgaan en dat de aarde er dan anders uit
zal gaan zien. En zie, de engel is met de sleutel onderweg. Naar wie of wat? Het is
opmerkelijk hoe in verschillende talen een andere betekenis aan het woord
sleutel gegeven wordt. Wij verstaan eronder: een voorwerp waarmee je iets kunt
afsluiten, op slot kunt doen. In andere talen is de sleutel juist een middel om
iets te openen. En zo ligt met de het
verhaal van kerstmis en het schilderij van Juke Hudig bij ons de vraag: zoeken
wij sleutels die het ons doet lukken ons af te sluiten voor anderen, voor de
wereld en haar noden of laten wij de kerstboodschap zijn als een sleutel die
ons hart weer opent voor anderen, zodat het hart kan overstromen van compassie?
Lied 173 van het Liedboek voor de
Kerken zingt het zo: Gods schepping, die voor ons
gesloten bleef, Amen. |
|
|||||